3 instincten

Home / Enneagram / 3 instincten

Binnen het Enneagram spreken we over drie instincten of drie overlevingsstrategieën: zelfbehoudend, seksueel of sociaal instinct.

Deze instincten zijn onze meest primaire drijfveren en vaak onbewust. Zij beïnvloeden onze manier van beslissingen nemen, waar onze aandacht naartoe gaat, wat ons bezighoudt, enzovoort. Het instinct is alles doordringend en bepaalt op een zeer krachtige manier onze waarden en de manier waarop we omgaan met anderen. Het instinct zal immers sterker succes in relaties bepalen dan het type. Als je hetzelfde dominant instinct hebt als partners, deel je immers bepaalde waarden en normen waardoor het makkelijker is om een relatie op te starten.

Het dominant instinct zou je kunnen omschrijven als het domein waarin je automatische piloot meest verschijnt. Als ons type verschijnt, is dit uitgelokt door ons dominant instinct. Iedereen heeft alle drie de instincten maar eentje zal dominant zijn. De combinatie van drie instincten met de negen basistypes geeft 27 subtypes. De doelstelling is om een evenwicht te creëren tussen deze drie instincten.

Ontdek welk jouw dominant instinct is tijdens onze tweedaagse training ‘De rijkdom van de 3 instincten/ Begrijp me dan toch’

Sandra schreef een boek (Begrijp me dan toch!) dat de drie instincten beschrijft en hun impact op relaties.

Zelfbehoudend instinct

Je ergste angsten zijn: leven in onzekerheid, armoede, slechte gezondheid, gevaar in je omgeving of verlies van de autonomie om voor jezelf te kunnen zorgen.

Dit instinct draait om een intense behoefte aan autonomie, zekerheid, veiligheid en stabiliteit. Je wilt zeker zijn dat je alleen kunt overleven. Wanneer op dit vlak onzekerheid ontstaat, ben je uit je doen  en gaat al je aandacht naar het herstel van je autonomie, zekerheid, veiligheid en stabiliteit. Je bent je bewust van je energie en focus op je eigen lichaam. Dit lijf moet namelijk nog voor de rest van je leven dienstdoen. Je identificeert je sterk met je omgeving en je bezittingen. Die zijn van jou en niemand moet daaraan komen. Uit je bord eten is al helemaal uit den boze! Je overgeven aan de liefde zorgt voor een innerlijke strijd, want het voelt bedreigend. Verliefdheid kan angst opwekken om je autonomie te verliezen. De partner moet dan ook een toegevoegde waarde bieden op het vlak van zekerheid en stabiliteit. Als die bijdraagt aan het uitbouwen van een veilig nest, is het makkelijker om te zwichten voor een partner als levensgezel. Als je eenmaal een engagement aangaat met een persoon, zul je heel ver gaan om je geliefde te beschermen. Als er gezinsuitbreiding op de agenda staat, vallen de kinderen ook onder jouw bescherming. Je werkt hard om hen een leven te geven dat zo comfortabel mogelijk is.

Seksueel instinct

Je ergste angsten zijn: je partner onwaardig zijn, een relatie loslaten, disconnectie, onvolledig zijn en het verlies van aantrekkingskracht.

Dit instinct draait om een intense behoefte aan intimiteit en een continu bewustzijn van de connectie met je intimi. Als dit instinct je dominant instinct is, houd je continu in het oog of er nog connectie is met je partner. Dat staat centraal in je leven. Je identificeert jezelf heel sterk met je relatie. Ik ben mijn intieme relatie. Je brengt ook offers voor je relatie, want dat is je overlevingssysteem. Jij en ik tegen de wereld! Als je geen partner hebt, zul je die intimiteit proberen te creëren met een vertrouweling. Dit kan een beste vriend of vriendin zijn en dan zul je met die persoon veel contact houden. Eigenlijk komt dit instinct erop neer dat je wilt dat iemand jou zo graag ziet dat hij zijn leven voor jou zou geven. Dus ook hier schuilt een egoïstische drijfveer in en is het instinct minder romantisch dan het lijkt als je naar de kern ervan kijkt. Aantrekkelijk zijn is levensnoodzakelijk want je moet de macht hebben om iemand in je intieme wereld te kunnen trekken. Je opsmukken is dus een dagelijkse noodzakelijkheid.

Sociaal instinct

Je ergste angsten zijn: eenzaamheid, een lage rang in de groep of gemeenschap, falen, verstoten worden, minderwaardigheid en afzondering.

Dit instinct draait om de intense behoefte om veiligheid te vinden in een groep. Als dit instinct je dominante instinct is, heb je vooral oog voor de sociale omgeving en de grotere wereld. Samenhorigheid is belangrijk voor jou. Wanneer je nieuwe mensen ontmoet, ontdek je snel wat de gemeenschappelijke basis is. Dit kan dezelfde school van de kinderen zijn, een gemeenschappelijke kennis of hetzelfde dorp van afkomst. Je identificeert jezelf sterk met de groep waartoe je behoort: ‘Ik ben mijn groep’. Deze groep kan bestaan uit drie vrienden maar kan ook een groot netwerk zijn. Je brengt ook offers voor je groep, want dat is je overlevingssysteem. Je past je aan de geldende normen aan om erbij te horen. Samen sterk! Als je je niet wilt engageren om tot een club te behoren, observeer je wel wat er gebeurt in de buitenwereld. Je kent bijvoorbeeld wel je buren en weet wie bij wie hoort. Wie doet wat met wie is jouw focus. Op die manier breng je vriend en vijand in kaart. Eigenlijk komt dit instinct erop neer dat je onbewust wilt dat je groep jou redt als het erop aankomt. Dus ook hierin schuilt een egoïstische drijfveer